|
door Michaël van Leeuwen op
vrijdag 19 maart 2010 10:00
|
|
Renske Leijten van de SP wil het het toezicht op de naleving van de Drank- en Horecawet niet bij gemeenten neerleggen. Dat blijkt uit een door haar voorgesteld amendement (PDF) waarin een aantal artikelen uit het wijzigingsvoorstel aangepast zijn. In de toelichting op die wijzigingen is het volgende opgenomen: "Dit amendement bewerkstelligt dat het toezicht op de naleving van de Drank- en Horecawet niet wordt gedecentraliseerd maar deze taak in handen blijft van de Voedsel en Waren Autoriteit."
Het verschuiven van het toezicht op de naleving van de Drank- en Horecawet naar gemeenten kent meerdere tegenstanders. Zo gaf Kamerlid Lea Bouwmeester van de PvdA eerder al aan problemen te zien vanwege een te laag budget voor het toezicht bij de gemeenten en een te snelle herkenning van toezichthouders door ondernemers. Ondertussen heeft Kamerlid Joël Voordewind zijn eerdere pleidooi voor een uniforme leeftijdsgrens van achttien jaar geformaliseerd in een voorstel tot amendement, waarbij onderaan een uitgebreide toelichting is opgenomen met daarin onder meer het volgende: "Draagvlak voor één landelijke leeftijdsgrens van 18 jaar is groot. Een onderzoek van het NIPO heeft uitgewezen dat een meerderheid van de Nederlandse bevolking (76%) voorstander is van één landelijke leeftijdsgrens van 18 jaar. Ook het merendeel (71%) van de jongeren tussen de 16 en 19 was opvallend genoeg vóór een verkoopverbod van alcohol onder de 18. De Vereniging voor Nederlandse Gemeenten (VNG) geeft aan dat ook een meerderheid van de gemeenten (60–70%) de voorkeur geeft aan één landelijke grens van 18 jaar, evenals de steden Den Haag, Rotterdam en Utrecht. Eén landelijke grens van 18 jaar sluit aan bij de oudercampagne «voorkom alcoholschade bij uw opgroeiende kind» en zal ouders ondersteunen in de opvoeding. Gemeenten worden door een landelijke grens van 18 jaar ondersteund bij het vergroten van de openbare orde en veiligheid."
|